Contemplatieve psychologie
En hoe zit het dan met wu wei en taijiquan?

door Theo Ypma

Velen van ons kennen vast wel de benadering: China is ver weg, dus laat ik maar naar een taijiquan-school gaan. Vanuit een intuïtieve behoefte om de persoonlijke ontwikkeling uit te breiden voelen veel mensen zich aangetrokken tot het pad van de daoïstische filosofie, met als fysieke component taijiquan of qigong. Om hun kennis en vaardigheden te verdiepen zoeken ze een school waar ze met taijiquan aan de slag kunnen. Onbewust is op deze manier meestal een levenslange oefenweg ingeslagen. De eerste stappen in dit proces zijn gericht op techniek en fysieke uitvoering. In de daaropvolgende fasen gaan oefeningen met aandacht voor lichaam én geest een belangrijke rol spelen. Van onbewust worden we steeds bewuster.

Fysieke en mentale oefeningen
Met het fysieke deel wil het meestal wel lukken. We volgen systematisch de lessen en vorderen gestaag in de uitvoering. We zien en voelen dat we beter worden en hebben ons een beeld gevormd hoe dat fysiek werkt. We kunnen dit vertalen naar onze westerse leefwijze.
Bij het mentale deel, waar aandacht, concentratie en geestelijke verdieping een steeds grotere rol speelt, wordt het traject en de vertaling van oosterse uitleg naar westers doen steeds lastiger. Oosterse aforismen en beeldende verhalen die bijvoorbeeld denkprocessen duiden, helpen ons wel, maar stellen ons rationeel westers denken niet gerust. Ter aanvulling en verbreding wil ik graag het boek De verborgen bloei van Han de Wit bij jullie onder de aandacht brengen. Deze kennismaking met de contemplatieve psychologie geeft veel handvatten die aansluiten op ons westers denken en waarmee je op je oefenweg het mentale deel van meditatie bij taijiquan/qigong beter kunt inpassen.

Contemplatieve psychologie, de Lotus ontmoet de Roos
Han de Wit heeft in diverse boeken, en met name in De verborgen bloei, grondpatronen blootgelegd die voorkomen in zowel theïstische als in non-theïstische spirituele tradities. Deze patronen, meestal bedekt door culturele en maatschappelijke contexten, worden door hem opgegraven en inzichtelijk gemaakt. Met de opdracht van zijn boeddhistische leermeester en zijn kennis als psycholoog, heeft hij een brug geslagen vanuit de oosterse kennis naar de westerse psychologie. Hiermee heeft hij een voor ons bijna tastbare duiding geschreven.
Op methodische wijze gaat Han de Wit in op de omkering van de benaderingen vanuit de derde persoon, wat de norm is voor westerse interpretaties, naar de benadering vanuit de eerste persoon, die behulpzaam is bij onze persoonlijke ontwikkeling.
We weten allemaal wel, dat als we te dicht bij een hittebron komen, het lichaam dit signaleert, en vanuit de huid een signaal naar de hersenen stuurt die het interpreteert en opdracht geeft om je van de hittebron af te wenden. Dus vanuit fysiek standpunt is het handelen vanuit de geest eenvoudig te verklaren. Met handelen voortkomend uit alleen geestelijke interpretaties, zoals indrukken en opgebouwde ervaringen, ligt dat veel ingewikkelder. Deze vorm is vaak niet te begrijpen voor ons doorsneemensen. Echter, benaderd vanuit de eerste persoon, met een heldere uitleg, gaat dat een stuk eenvoudiger.
In De verborgen bloei wordt systematisch ingegaan op onze werkelijkheidsbeleving met de relatie tussen ervaren, denken, onze mentale bewegingen, handelen en bewust zijn.
Met name de duiding in dit boek van het denken en onze mentale bewegingen maakt me enthousiast in relatie tot taijiquan en meditatie in bewegen. Meditatie wordt gewoon gezien als een vorm van onderzoek van de geest: je kijkt hoe je reageert op invloeden. Je bepaalt waar blinde vlekken zitten en hoe je kunt reageren met het verbeterde inzicht. Dit wordt iets hoogdravender wel ‘innerlijke transformatie’ genoemd. Hoe mechanismen werken, waarom we reageren of ervaren, wordt door uitleg over Ego en egoloosheid, ego-identificatie en relaties tussen denken en ervaren benoemd. Uiteindelijk leidt dit tot een betere en diepere gewaarwording.

En waar is wu wei?
Het streven is om het denken, spreken en handelen niet langer vanuit egocentrische gedachten te laten plaatsvinden, maar om ze spontaan te laten voortkomen uit dit verworven gewaarworden. Jarenlange oefening van opengaan en loslaten kan ons in deze positie brengen, om te zijn in wu wei. Han de Wit beschrijft het als een stap achteruit doen: breder zicht krijgen, zonder de connectie te verliezen met het open veld van ervaring.

Dit boek van Han de Wit is wat mij betreft een aanrader, omdat het een standpunt inneemt van de beoefenaar van de contemplatieve weg, in plaats van die van de externe academicus. Hierbij wordt het dus mogelijk gemaakt inspiratie op te doen voor de moderne westerse beoefenaar. Mocht het onderwerp contemplatieve psychologie je interesse hebben dan adviseer ik je om de boeken De verborgen bloei en Contemplatieve psychologie van Han de Wit te lezen, en Filosofie met de vlinderslag van Woei-Lien Chong in deze volgorde te lezen. Ik wens jullie veel lees- en studieplezier.

Dankwoord
Han de wit wil ik graag bedanken voor de prettige en inhoudelijke gesprekken ter onderbouwing van dit artikel. Ook wil ik graag een dankwoord uitbrengen aan Marc Jongsten voor de gesprekken over allerlei aan taijiquan gerelateerde zaken buiten STN-aangelegenheden. Marc raadde mij dringend aan om Filosofie met de vlinderslag van Woei-Lien Chong te lezen. Omdat ik dat advies braaf heb opgevolgd en Chong regelmatig verwijst naar Han de Wit, ben ik bij De Wit uitgekomen.
Dr. Han F. de Wit is van huis uit researchpsycholoog en methodoloog. Zijn leermeesters zijn A.D. de Groot en H.C.J. Duijker, bij wie hij ook promoveerde. Daarnaast is hij het pad van boeddhisme ingeslagen en is nu boeddhistisch leraar. In 1977 richtte hij in Amsterdam het eerste Shambhalacentrum van Europa op. Hij was door meditatiemeester Chögyam Trungpa Rinpoche een jaar eerder in Amerika gemachtigd om de boeddhistische visie en meditatiebeoefening te onderrichten.
Als wetenschapper verwierf De Wit internationale bekendheid met zijn onderzoek naar de psychologische inzichten die in spirituele tradities te vinden zijn. Het onderzoek dat hij rond 1980 begon aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, leidde tot een nieuwe vorm van psychologie: de contemplatieve psychologie. Zijn onderzoek bracht hem in nauw contact met de dialoog tussen westerse en niet-westerse psychologie en met de interreligieuze dialoog. Sinds vele jaren geeft dr. de Wit in binnen- en buitenland over deze onderwerpen ook lezingen en seminars. Hoewel zijn basis is gevormd door het boeddhisme heeft hij mede door zijn vakgebied veel belangstelling voor het taoïsme. Hoog op zijn leeslijst staan boeken van David Hinton zoals Existence en China Root.

Han F. de Wit, De verborgen bloei: Over de psychologische achtergronden van spiritualiteit (1993, meermaals herdrukt).
Id., Contemplatieve psychologie (1987, meermaals herdrukt).
Een interview met Han de Wit.

Woei-Lien Chong, Filosofie met de vlinderslag: de daoïstische levenskunst van Zhuangzi (2016).

“Inzicht in hoe mechanismen werken, waarom we reageren of ervaren, leidt tot een betere en diepere gewaarwording;
Wu wei is wanneer het denken, spreken en handelen spontaan voortkomen uit dit verworven gewaarworden.”