Een geolied span – Wim Weel en Rian Smolders

by | 06/12/2016 | Interview

Na de lovende bespreking van Zhou’s handboek  bestelde ik bij Wim Weel zijn vertaling. Was het boek zelf interessant, het gedegen werk van de gedreven vertaler maakte zeker zo veel indruk. Tijd om de man erachter te leren kennen. En zijn vrouw. Want Rian en Wim volgen al decennialang een gezamenlijke weg. Als een echte geschiedenisleraar steekt Wim van wal:

Als kind had ik astma en op mijn 21e kreeg ik een nierontsteking waardoor mijn nieren niet meer functioneerden. In het ziekenhuis, bij de dialyse, gooide een verpleegster de medicijnen voor mijn longen weg. “Anders moeten we die toch allemaal weer uitspoelen”, zei ze. Ik dacht: ze heeft gelijk!

Dat is het keerpunt geweest in mijn leven. Ik heb geluk gehad dat mijn nieren weer begonnen te werken en ben alternatieven gaan zoeken. Ik heb van alles geprobeerd, van homeopathie tot transcendente meditatie. Bij een acupuncturist gaf ik aan yoga te gaan willen doen. Hij zei: “Jij kunt beter taiji gaan doen, dat zijn ontspannen, vloeiende bewegingen, die de organen masseren, waaronder de longen. En dat is heilzaam, want voor longen bestaan eigenlijk geen medicijnen.”

Op zoek naar taiji vond ik een kleine advertentie in de Tilburgse Koerier: ‘Tai Chi Chuan’ met een telefoonnummer, meer niet. Daarop heb ik toen gereageerd.

Franklin Lafour, een theaterleraar uit Maastricht, kwam iedere week taijiquanles geven. Ik heb een paar jaar zijn lessen gevolgd, dagelijks zelf getraind en voelde dat het werkte: ik werd langzamerhand beter, kon meer aan en was minder benauwd. Toen Franklin minder tijd kreeg wees hij vier cursisten aan om zijn lessen over te nemen, van wie ik er een was. Eerst kwam hij nog om de week en het jaar erop nog maar eens per maand, en zo heb ik geleidelijk aan de lessen overgenomen. Ik ben direct op les gegaan bij Kwee Swan Hoo in Amsterdam. Epi van de Pol was daar ook en Marita Wessels. Franklin is van de eerste lichting taijiërs in Nederland; hij en Kwee Swan Hoo hadden les gehad van Phoa  op de Theaterschool in Amsterdam waar het allemaal is begonnen. Ik sliep dan in Amsterdam en ging daags erna terug naar Tilburg, naar de opleiding tot leraar geschiedenis en levensbeschouwing.

Je was er direct door gegrepen?

Ja, ik dacht: ‘Dit is wat ik zoek’. Al eerder in mijn leven was het taijisymbool op mijn pad gekomen; in een discokelder waar ze underground muziek draaiden en verkochten, waren de muren helemaal vol geschilderd met onder andere het taijisymbool. Met die afbeelding had ik iets; ik werd er zo door gebiologeerd, alsof ik iets herkende.

Dat is gebleken; je gebruikt het symbool actief in je lessen?

Het is het symbool van de filosofische kern van het levensbeschouwelijke aspect van de hele methode. Dit is eigenlijk de daoïstische verbinding van de methode met het geheel. Bijvoorbeeld Paul LaViolette, de hedendaagse Einstein, die schrijft dat de Yi Jing (I Tjing), het Boek der Veranderingen, eigenlijk een kwantumfysisch werk is. Vanuit zijn eigen theorie ‘SubQuantum Kinetics’ herkent hij de kennis die erin staat: “Die mensen wisten dat al.”

Zo was oorspronkelijk dit Chinees karakter (Wim wijst er een aan) een spiraal. De schepping uit zich in een spiraal – dat zegt Paul LaViolette en ook fysicus Nassim Haremein: alle creaties vinden plaats in de vorm van torsies; spiralen zie je overal terug in de kosmos. Daarin vindt de schepping plaats, van micro- tot macroniveau.

Dit nummer gemist? Nieuwsgierig naar het volledige interview?

Bestel TQT 16