China’s Super Physics – Paul Dong en Thomas E. Raffill

by | 10/03/2017 | Boekbespreking

In het vorige nummer besprak ik in deze rubriek Qigong Fever van Martin Palmer. Dit boek geeft een gedegen overzicht van de turbulente ontwikkeling van qigong sinds pakweg 1950. Palmer beschrijft het met een duidelijke betrokkenheid met het onderwerp, maar verlaat nergens de wetenschappelijke distantie. Van de twee boeken die ik deze keer behandel is dat niet het geval.

Terugblikkend naar Qigong Fever: de benaming qigong werd uitgekozen in 1949, klassieke methodes werden aangepast aan de politieke ideologie van qigong als goedkope gezondheidszorg; in de jaren ’60 verdwijnt qigong van het toneel tot de hernieuwde belangstelling die eind jaren ’70 begon en die culmineerde in een massabeweging met als goden vereerde meesters en veel aandacht voor de bijzondere vermogens die door qigong kunnen worden ontwikkeld. Ten slotte de crisis rond falungong en het onder controle brengen van de gehele qigongsector door de staat.

Paul Dong heeft een aantal boeken geschreven; op het gebied van qigong en vechtkunst was zijn Empty Force het eerste werk dat dit controversiële onderwerp (kong jin) behandelde. Ook schreef hij over paranormale fenomenen in China, zoals de waarnemingen van Ufo’s en, wat wij hier noemen, de verschrikkelijke sneeuwman. Nu gaat het om China’s Super Psychics. Paul is duidelijk een gelovige, en medegelovigen zullen in dit boek bevestiging vinden, maar voor een scepticus zal het niet overtuigend zijn. Wat niet? Voor Dong geldt: zien is geloven. ‘Ik heb het toch met mijn eigen ogen gezien!’ In de jaren ’90 zorgde Sima Nan voor opwinding in qigongkringen door op het podium wonderen te verrichten zoals bepaalde qigongmeesters dat deden. Hij stelde echter duidelijk dat het trucs waren en dat er geen bovennatuurlijke kwaliteiten aan de pas kwamen. Gelovigen waren er echter van overtuigd dat Sima Nan een qigongmeester met buitengewone gaven was. In de showbizz zijn illusionisten, zoals ‘onze’ Hans Klok, populair, en ook op tv zijn regelmatig dingen te zien die onmogelijk lijken, maar waarvan we weten dat het trucs zijn.

Dong beschrijft veel van de ‘buitengewone menselijke functies’ zoals lezen met het oor, de neus of oksel, door muren lopen, objecten verplaatsen zonder aanraken, spontane ontbranding, planten snel laten groeien, enzovoort. Uitgebreid behandelt hij de mensen die daartoe in staat zijn en het onderzoek dat ernaar is verricht.

Zo worden de qigongsuperhelden Yan Xin en Zhang Baosheng uitgebreid behandeld, evenals een flink aantal wonderkinderen, toekomstvoorspellers, supergenezers, enz. Een hoofdstuk, Psychic War Between China and Japan, beschrijft hoe Yan Xin met een delegatie naar Japan gaat om daar ‘ideeën uit te wisselen’ (een Oosterse manier om te zeggen: laten we kijken wie de sterkste is). Ook al pogen de beroemdste Japanse qimeesters Yan aan te tasten, hij laat het onbewogen over zich heen komen. Maar de meest machtige en krachtige van allen is toch de ‘Nieuwe Guanyin’ die in hoofdstuk 11 (‘De Moderne Godin van Mededogen’) ten tonele komt. Zij verspreidt een wonderbaarlijk licht en een heerlijk aroma, kan doodgaan en weer levend worden, de tijd stil zetten, en ja, wat eigenlijk niet. Haar naam en verblijfplaats zijn uiterst geheim. Er wordt ook aandacht besteed aan sceptici; de te verwachten scepsis en argumentatie t.o.v. de sceptici laat ik aan de geïnteresseerde lezer om (online) te raadplegen (hoofdstuk 12).

Het boek is alleen tweedehands verkrijgbaar voor een hoog bedrag, maar is ook online te lezen. Zeker doen als je geïnteresseerd bent in paranormale vermogens, of in qigong in China (er is ook nog een hoofdstuk Psychics of Taiwan) op het hoogtepunt van de qigongkoorts.

China’s Super Psychics
Paul Dong en Thomas E. Raffill
Marlowe & Company, 1997
250 pp.